Menu

X Omdat je bent ingelogd zie je op deze pagina de berichten uit al je groepen. Alleen jij ziet deze informatie.

Buurtverhaal:

Samen moeten we het doen! (2016)

Rogier Teerenstra
Gepubliceerd op 29 november 2016

(Een aangepaste en ingekorte versie van deze column is tevens verschenen in De Heistal, wijkblad van Hatertse Hei en Grootstal, hier digitaal beschikbaar.)


Tegenovergestelde inspiratie

Speurend in het landschap van zorg en welzijn kom ik regelmatig onderwerpen tegen die me inspireren. Die inspiratie ontstaat bijvoorbeeld door innovatieve ideeën of door oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken die de menselijke maat bewaken. Helaas komt het tegenovergestelde ook voor. Dat ik juist op benaderingen stuit die naar mijn mening de plank misslaan. 

Buurten waar ouderen bij elkaar wonen

Onlangs kwam ik een dergelijk artikel tegen op het online platform Sociale Vraagstukken, een digitale verzamelplek waar diverse deskundigen artikelen publiceren over maatschappelijke thema's en daarover debatteren. Het artikel in kwestie had direct vanaf de vetgedrukte kop mijn gefronste aandachtDe aanbevelende titel luidde: “Maak buurten waar ouderen bij elkaar kunnen wonen!”


Goede voorzieningen

Begrijp me hier niet verkeerd. Ik ben helemaal vóór een gedegen inzet op goede voorzieningen in een buurt. Zeker als er zorgvuldig aandacht wordt besteed aan verschillende behoeften van de diverse mensen. Maar in de kern ging dit artikel daar eigenlijk niet over. In dit artikel stond de vraag centraal hoe om te gaan met een terugloop aan een bepaalde vorm van diversiteit in de samenleving.

Vergrijzing

Die teruglopende diversiteit betrof in dit geval de variatie in leeftijd. Het betrof de vergrijzing van de bevolking. De voorspelling in het artikel luidde namelijk dat in 2040 een kwart van de Nederlandse bevolking 65 jaar of ouder is. Met die voorspelling kan je als beleidsmaker vervolgens nog steeds alle kanten uit. Maar de auteurs van het artikel kozen er specifiek voor om te focussen op dit ene kenmerk. En daar vervolgens ook de oplossing in te zoeken. 

Separatie op grond van kenmerken

Naar mijn mening heeft een dergelijke focus echter hoe dan ook altijd één welbepaald resultaat. Een resultaat dat tegelijk vaak zo overduidelijk is dat het regelmatig over het hoofd wordt gezien. En dat is de separatie. Het is de afzondering van die groep op grond van dat ene kenmerk. Juist door het brandpunt te leggen bij één criterium (of op een kleine gecentreerde groep van criteria) isoleer je vaak ongemerkt - en in dit geval in feite zelfs met de beste bedoelingen - de ene groep van alle andere groepen. 

Steun aan elkaar

Waarom leek het nu volgens de auteurs van dit artikel dan toch een zinnig advies om mensen op grond van bepaalde eigenschappen - in dit geval ouderdom - bij elkaar te zetten? “Ouderen kunnen veel steun hebben aan elkaar,” luidde het antwoord. Daarom kon het wonen in een buurt met veel ouderen voor andere ouderen bevorderlijk zijn voor onderlinge sociale contacten. En daarom adviseerden de onderzoekers beleidsmakers om vooral woonomgevingen te creëren met appartementen waar veel ouderen bij elkaar wonen.

Aparte categorie

Nu bestrijd ik opnieuw niet het idee dat ouderen onderling goede sociale contacten kunnen hebben. Dat is zeker mogelijk. Maar geldt dat eigenlijk niet voor alle mensen? Zijn het niet gewoon ménsen die onderling goede sociale contacten kunnen hebben? De onderzoekers suggereerden echter dat er hier iets uitzonderlijks aan de hand zou zijn. Ouderen zouden blijkbaar hierin een ‘aparte’ categorie in de buurt zijn. En dat is, als je er iets zorgvuldiger over nadenkt, eigenlijke best een vreemde conclusie.

Individuele mens

Met de aanduiding ‘ouderen’ wordt een grote groep mensen samengebracht onder één bepaalde eigenschap: het aantal jaren dat iemand achter zich heeft liggen. Die vele jaren zorgen er inderdaad voor dat een individuele mens wellicht meer zorg nodig heeft. Maar dat maakt van een mens nog steeds geen aparte categorie. De individuele mens - ook de individueel oudere mens - is namelijk steeds opnieuw oneindig prachtig in zijn eigen variatie aan individuele liefdes, passies, eigenaardigheden en kenmerken. Iedere mens, ook die oudere mens, heeft in een buurt of wijk nog steeds zijn eigen unieke waarde.

Sociale isoloatie

Door die uniciteit van het individu te ontkennen en individuele mensen samen te brengen en te categoriseren als een bepaalde groep mensen die je binnen een buurt bij elkaar kunt brengen, werk je volgens mij juist in de hand wat de onderzoekers wilden voorkomen: de sociale isolatie. Alleen gaat het hier niet over de sociale isolatie van een individu, maar over een bepaalde groep. Zeker op gebied van ouderdom versterk je op die manier juist het culturele verschijnsel dat de romanschrijver en essayist Stef Hertmans in zijn essaybundel ‘Het bedenkelijke’ bij mij op schitterende wijze introduceerde met het woord ‘gerontofobie’.

Gerontofobie

Met het woord gerontofobie - samengesteld uit ‘géron’ (oud-Grieks voor ‘oude man’) en ‘fobie’ (‘angst’) - omschrijft Hertmans het door hem gesignaleerde culturele verschijnsel dat mensen langzaam een soort angst aan het ontwikkelen zijn voor ouderdom en voor alles wat bij ouderdom hoort. Of Hertmans daarin gelijk heeft, laat ik over aan een andere discussie. Maar ik ben er van overtuigd dat het apart zetten en verzamelen van de ouderen in een buurt die speciaal voor hen is gemaakt, in ieder geval zeker niet hélpt bij het stimuleren van werkelijke sociale samenhang.

Ouderen horen bij de wijk

In tegendeel: op die manier vervreemden we de ouderen en de ouderdom juist van ons. Ouderen horen we niet weg te stoppen in buurten, speciaal voor hen. Ouderen horen juist bij iedere wijk, zoals ouderdom hoort bij het leven. Wie ooit jong was, wordt (als het lot je welgezind is) ooit oud. Natuurlijk moet je dan ook in iedere buurt voor voorzieningen zorgen die passen bij die ouderdom. Maar met het advies ‘Maak buurten waar ouderen bij elkaar kunnen wonen’, stimuleer je vooral het idee dat ‘ouderen’ een aparte categorie vormen, los van de rest, los van het gewone leven. Ouderen worden zo mensen die je op grond van die critereria bij elkaar kunt stoppen. Is dat een idee dat werkelijk past bij sociale samenhang? Ik vind van niet.

Sociale samenhang

Sociale samenhang, waar de onderzoekers in het artikel zo op hameren, stimuleer je volgens mij juist door het tegenovergestelde. Stimuleer die diversiteit. Leg de focus op het verbinden van mensen. Dwing die verbinding niet af, maar laat zien dat diversiteit juist kracht brengt. Breng ouderen en jongeren bijvoorbeeld juist met elkaar in contact. Laat studenten en ouderen samen in één appartement wonen (zoals dat bijvoorbeeld in Zorgcentrum Humanitas in Deventer al gebeurd.) En ga vervolgens nog verder. Want sociale samenhang gaat zeker niet alleen over ‘ouderen’.

Samenbrengen

Stimuleer dat mensen met beperkingen samen met mensen zonder dergelijke beperking door het leven gaan. Zorg voor flexplekken waar zzp’ers tussen solliciterende werkzoekenden hun vak kunnen uitoefenen. Laat ouderen die dat willen, waken over de kleintjes. Laat Nieuwe Nederlanders les krijgen van oud-leerlingen. Laat mensen bij de boodschappen iets meenemen voor de wat meer behoevenden op de hoek. Het is een kleine moeite, maar van zulke grote waarde.

In elkaar investeren

Een goed onderling sociaal contact stimuleer je, kortom, niet door bepaalde partijen mensen geconcentreerd bij elkaar te zetten. In tegendeel, wat je bereikt is de positie van isolatie van een bepaalde groep. Goede onderlinge sociale contacten liggen namelijk niet automatisch in het verlengde van een groep mensen die je bij elkaar brengt op grond van bepaalde overeenkomende eigenschappen. Goede sociale contacten ontstaan, doordat mensen bewust bereid zijn om in elkaar te investeren. En met elkaar de verbinding aan te gaan. 

Niet toevallig

Om dat te bereiken moeten mensen voor elkaar openstaan. Omdat ze intrinsiek beseffen dat ieder mens een verantwoordelijkheid voor de ander met zich mee draagt. Doordat ze doordrongen zijn van het feit dat mensen relationeel aan elkaar verbonden zijn. Jongeren en ouderen, mannen en vrouwen, werkend en werkzoekend: we zullen het samen moeten doen. Een werkelijke gemeenschap ontstaat niet doordat mensen ‘toevallig’ bij elkaar in de buurt wonen. Een gemeenschap is geen automatisme, dat noodzakelijkerwijs volgt uit het gedwongen bij elkaar schuiven van mensen.

Actieve beslissing

Gemeenschapsvorming is een actieve beslissing van de individuele mensen ín die gemeenschap. Een gemeenschap ontstaat juist doordat die mensen elkaar de hand reiken en zeggen: ‘Samen gaan we het doen. Wij horen bij elkaar.’ Het is een actieve investering in elkaar. Een investering die bovendien geen enkele uitzondering verdraagt. Omdat ieder mens die investering verdient.

Omhels de verschillen!  

Werkelijke sociale samenhang gaat naar mijn mening helemaal niet over ‘buurten waar ouderen bij elkaar wonen’. Het gaat over buurten waar ménsen bij elkaar wonen. En waar die mensen in elkaar durven te investeren en bereid zijn om hun verschillen, al die eindeloze variëteit, te omhelzen. Om juist de diversiteit en de verbindingen in hun buurt te vieren! 

Doen jullie mee?

Rogier is tekstschrijver, columnist, essayist. Hij heeft een eigen blog: http://rogierteerenstra.wordpress.com waar hij schrijft over diverse onderwerpen op gebied van spiritualiteit, psychologie en filosofie. Je kunt contact met hem opnemen via mail.


Reacties



Bekijk alle verhalen in je buurt »